Menu
A+ A A-

Mest met een Gouden Randje (2016-2018)

In het kader van subsidieregeling R&D samenwerkingsprojecten 2016 EFRO OP-Oost 2014-2020 zijn wij, samen met Wopereis Staalbouw B.V. en HoSt Biogas B.V., eind 2016 gestart met het onderzoeksproject "Mest met een Gouden Randje".
 

De verlaging van de CO2-footprint van, onder andere, de veehouderij is al enige tijd een belangrijk speerpunt van de Nederlandse overheid en de Europese Unie. Om emissies uit de stallen te verlagen worden er bijvoorbeeld luchtwassers geplaatst om de vrijgekomen gassen in de stal uit de ventilatielucht te halen en daarmee de uitstoot (emissie) te verminderen. De luchtwassers hebben echter ook hun eigen CO2-footprint. Daarnaast is een luchtwasser een end-of-pipe-solution, wat betekent dat de luchtkwaliteit in de stal zelf niet verbeterd wordt. Behalve dat het een speerpunt is van de Nederlandse overheid en de Europese Unie, komt uit de maatschappij ook steeds meer de roep om een oplossing voor de emissies uit de veehouderij. Naast de emissies uit de stal, is ook de afzet van de grote hoeveelheid mest uit de veehouderij een probleem. De mest die geproduceerd wordt kost de veehouders op dit moment veel geld, omdat er onvoldoende plaatsingsruimte is en/of vanwege onvoldoende transport en be- en verwerkingsmogelijkheden. Er is namelijk een overschot aan fosfaat in Nederland en de N-P-K-verhouding in de mest is ongunstig voor de Nederlandse mestmarkt. De mest wordt opgeslagen in de mestkelders, totdat die vol zitten en iemand de mest wil komen ophalen. Uit onderzoek, dat Jovas heeft uitgevoerd in samenwerking met VIC Sterksel, bleek echter dat het biogaspotentieel bij vleesvarkensmest terugliep van ruim 47m³ gas/m³ mest bij 3 dagen oude mest naar 6,6m³ gas/m³ mest bij mest die reeds 120 dagen in de mestkelder had gezeten (klik hier voor het verslag van dit onderzoek). Door bij dit project dus ook te kijken naar het biogaspotentieel van verschillende soorten mest die op verschillende manieren uit de stal is gehaald, kan de waarde van de mest (het Gouden Randje) beter worden bepaald. Mest afkomstig uit stallen met een snelle ontmesting zal daardoor meer waarde (of minder negatieve waarde) hebben dan oude, verteerde mest. Daarnaast is bij export van de mest, het fosfaat in de mest waar men geld voor betaalt. Wanneer de mest bij de bron gescheiden kan worden, is dat essentieel voor het verwaarden/verwerken van de mest.

Door de mest zo snel mogelijk uit de stal halen, kunnen beide problemen voor een groot gedeelte opgelost worden. In de varkenshouderij worden al vele jaren mestpannen toegepast die worden leeggezogen. Met deze mestpannen wordt het emitterend oppervlak onder de roosters verkleind en door het leegzuigen ervan, blijft er (bijna) geen mest achter. Mestpannen geven daarmee dus al een verlaging van de emissies, maar nog lang niet voldoende. Om de emissies nog verder te verlagen zullen de mestpannen dus gecombineerd moeten worden met (nieuwe) systemen die er voor zorgen dat de mest veel vaker uit de mestpannen gehaald kan worden of die er voor zorgen dat er alleen urine in de mestpannen komt en dus de mest op een andere manier afvoeren.

Door het afschaffen van het melkquotum en het daardoor steeds groter worden van rundveebedrijven is ook in de rundveehouderij mest de laatste tijd een belangrijk aandachtspunt geworden. De bedrijven produceren te veel mest en daarmee te veel fosfaat, die onbewerkt weinig tot niets oplevert en die niet meer bij de bedrijven opgehaald wordt. Hierdoor wordt ook de CO2-footprint vanuit de rundveehouderij steeds groter en dus een hot item. Ook voor de rundveehouderij zal dus een manier gevonden moeten worden om de mest zo snel mogelijk de stal uit te halen, zodat het een zo hoog mogelijk rendement oplevert na bewerking.

In de rundveehouderij is de toepassing van mestpannen compleet nieuw en we willen dan ook onderzoeken of dat mestpannen hier dezelfde positieve werking hebben als in de varkenshouderij. Uit een oriënterend onderzoek, in samenwerking met Wopereis, is al gebleken dat ook de dikke rundveemest goed af te voeren is door middel van mestpannen in combinatie met een vacuümsysteem.  

Hoofddoelstelling
Het ontwikkelen van een, technisch zo optimaal mogelijk, systeem om varkens- en/of rundveemest zo snel mogelijk de stal uit te krijgen richting een vergister, om daarmee de emissies in de stal te verlagen en een hoger rendement te kunnen halen uit de mest, waardoor ook de CO2-footprint van de veehouderij drastisch wordt verlaagd.

Om bovenstaande hoofddoelstelling te behalen zijn er verschillende subdoelstellingen opgesteld.
Subdoelstelling 1: Het optimaliseren het vacuümsysteem met mestpannen, waar reeds voorbereidend/oriënterend onderzoek naar is gedaan door Jovas en Wopereis, om de mest snel en vaak de stal uit te halen.
Subdoelstelling 2: Het ontwikkelen van een mestbandsysteem dat, door over het rooster te schuiven, de mest en urine al in de stal scheidt en de mest direct de stal uit haalt.
Subdoelstelling 3: Onderzoeken wat de uitbreidingsmogelijkheden zijn van het vacuümsysteem met mestpannen, zoals onder andere een mestband buiten de stal.
Subdoelstelling 4: Onderzoeken wat de eigenschappen en het biogaspotentieel zijn van verschillende soorten mest die op verschillende manieren uit de stal is gehaald en met die gegevens bepalen wat de meest optimale mest is om te gebruiken in een vergister.
Subdoelstelling 5: Onderzoeken of dat de ontwikkelde methode breed uit te rollen is in zowel de rundvee- als de varkenshouderij en/of dat de methode toegepast kan worden bij een samenwerking tussen rundveehouder en varkenshouder.

Extra doelstelling 1
Het ontwikkelen van een rooster voor varkens dat kantelbaar/draaibaar/schuifbaar is om daarmee de mest tijdens de ronde van het rooster te halen zonder dat het “kapot” getrapt hoeft te worden door de dieren.

Extra doelstelling 2
Het ontwikkelen van een afzuiginstallatie (vast of mobiel (robot)) die de mest van de vloeren zuigt in plaats van versmeert.

Dit project wordt mede mogelijk gemaakt door
OP Oostmetondertitel en EU logo NIEUW D04

< Terug